© LMP juli 2017  Frank Mulder De Witte Hemel 2012
Mangalica is een makkelijk te houden spekvarken. De zeugen hebben relatief kleine worpen en hebben hele goede moedereigenschappen. Het Mangalica- varken ontwikkelt zich, in vergelijking tot de "industrierassen", langzaam. De lanzame ontwikkeling is bij de Mangalica geen nadeel omdat daarmee een robuust, dicht bij de natuur staand varken wordt verkregen. Hierdoor kan het mangalica- varken zich ook onder ongunstige omstandigheden goed ontwikkelen. Zelfs overwinteren in de vrije natuur is geen probleem. De naam Mangalica kan zijn afgeleid van het serbo-croatische "mangala svinija - varken, dat zich goed voed", "Mangulica" oder "Mangulac - licht vet wordend" of van het Roemeense "mancare - eten". Vele namen worden gebruikt voor het Mangalica-varken, zijn rassen en kruizingsdieren: Wolvarken, Wolharig varken, Krulharig varken, Baris en Ordas (Kruizingsdieren) of Bogauner (Bakonyer voorvader van het mangalica). In de verschillende landen worden meerdere schrijfwijzen voor Mangalica gebruikt: Mangalica (Hongaars), Mangulica (Servisch), Mangalita (Roemeens), Mangalitsa (Amerikaans), Mangulac, Mangaliza, Mangalicza. De rassen van het Mangalica-varken worden in het Hongaarse Szöke (Hongaars Blond Mangalica), Fecskehasu (Hongaars Schwaluwbuik Mangalica) en in Vörös (Hongaars Rode Mangalica) genoemd.    
Historie Naamgeving / eigenschappen